Minister erkent misstanden en schort interlandelijke adoptie op

Geadopteerd-zoeken-familie-fiom
09/02/2021 -
Categorie: Geadopteerd

Op 8 februari 2021 overhandigde de commissie Onderzoek Interlandelijke Adoptie (COIA) haar onderzoeksrapport aan Sander Dekker, minister voor Rechtsbescherming.

De minister stelde de commissie, onder leiding van mr. Tjibbe Joustra, in 2019 in. De commissie kreeg tot taak onderzoek te doen naar de rol en verantwoordelijkheid van de Nederlandse overheid bij interlandelijke adoptie van kinderen in tenminste de periode van 1967 tot 1998. Hierbij werd met name gekeken naar adopties uit Brazilië, Colombia, Indonesië, Sri Lanka en Bangladesh.

Op de bijbehorende persconferentie gaf de minister zijn eerste reactie. Zijn beleidsreactie op het rapport ging naar de Tweede Kamer. 

Uitkomsten onderzoek 

De commissie concludeert dat zich in de gehele periode van interlandelijke adoptie, en in alle landen, structureel ernstige misstanden hebben voorgedaan en dat de overheid en bemiddelaars vanaf de jaren zestig daarvan op de hoogte waren. De overheid heeft nagelaten in te grijpen waar daar wel aanleiding toe bestond. Het gaat om zaken als vervalsing van documenten, kinderhandel, fraude en corruptie. Maar ook onethische handelingen als onder valse voorwendselen of onder morele druk afstand laten doen van kinderen, met opzet onzekerheid of onduidelijkheid creëren rondom iemand zijn afkomst en misbruik maken van armoede. 

De belangrijkste factoren waardoor het systeem in stand is gehouden, blijken de vraag naar kinderen en de door financiële prikkels gedreven internationale adoptiemarkt waar sociaaleconomische ongelijkheid, armoede en het tot verhandelbaar goed maken van kinderen samenkomen. 

De beschreven misstanden en de gevolgen daarvan behoren niet tot het verleden, maar zijn volgens de commissie nog steeds actueel. De financiële prikkels in het systeem zijn niet weggenomen en de vraag naar kinderen bestaat nog steeds. 

Erkenning

Uit het onderzoek blijkt dat het met de meeste geadopteerden gelukkig goed gaat. Daar staat tegenover dat ze door de adoptie ook veel zijn kwijtgeraakt: het opgroeien bij de eigen familie, de eigen cultuur en in veel gevallen het kennen van hun afkomst. Meerdere geadopteerden die de commissie sprak, omschreven hun leven als gespleten. Het verbinden van de werkelijkheid in hun geboorteland met de werkelijkheid in Nederland is voor velen een dagelijkse opgave, en soms onmogelijk, omdat de informatie over afkomst ontbreekt. Dat het hen naar omstandigheden goed gaat, ziet de commissie als teken van hun veerkracht. Helaas zijn er ook geadopteerden waarmee het niet goed gaat. Voor alle betrokkenen blijkt erkenning door de overheid en de bemiddelaars dat zij tekortgeschoten zijn in het tegengaan van adoptiemisstanden, wenselijk en noodzakelijk. 

Naast erkenning hebben geadopteerden behoefte aan meer gespecialiseerde psychologische hulp en ondersteuning bij het achterhalen van hun afkomst zoals bijvoorbeeld het toegankelijk maken van archieven, het beschikbaar stellen van DNA-onderzoek en het faciliteren van zoektochten.

De commissie pleit voor het bieden van (na)zorg, het faciliteren van de toegang tot de binnenlandse en buitenlandse adoptiedossiers en de zoektocht naar de geboortefamilie. 

Adoptiesysteem

Het huidige adoptiesysteem kan volgens de commissie niet in stand blijven. De commissie heeft ernstige twijfels of het mogelijk is om een systeem te ontwerpen waarin misstanden niet meer voorkomen. De commissie beveelt aan om, tot nadere besluitvorming hierover, de uitvoering van interlandelijke adopties op te schorten. De commissie pleit ervoor om de lessen uit het onderzoek naar de adoptiemisstanden ook ter harte te nemen bij nieuwe vormen van gezinsvorming, zoals bijvoorbeeld met behulp van draagmoederschap. 

Reactie van de minister

Minister Dekker bedankt de commissie voor de spiegel waarin de overheid zolang niet wilde kijken.

“Het is pijnlijk te moeten constateren dat de overheid niet heeft gedaan wat er van haar mocht worden verwacht. Want hoewel veel adopties als positief zijn ervaren, had de overheid in de gevallen waar sprake was van misstanden een actievere rol moeten nemen door in te grijpen. Het positieve sentiment rond adoptie in de vorige eeuw – met als leidend idee dat we met adoptie goeddeden – biedt weliswaar een verklaring, maar geen rechtvaardiging. Voor deze opstelling van de overheid zijn excuses op zijn plaats”, aldus Dekker. 

De minister biedt de geadopteerden namens het kabinet excuses aan. Het kabinet neemt alle aanbevelingen uit het rapport over: geadopteerden moeten nu kunnen rekenen op professionelere ondersteuning van de overheid in hun zoektocht naar hun afkomst. Daarnaast zegt Dekker toe dat de Staat zich bij vorderingen in adoptiezaken niet meer zal beroepen op verjaring. Hiermee verstevigt hij de rechtspositie van geadopteerden die een procedure starten tegen de Staat. 

Adoptieprocedures opgeschort

De minister vindt dat we ons nu moeten herbezinnen op adopties uit het buitenland. Hij schort de interlandelijke adoptieprocedures per direct op om kinderen en hun biologische ouders tegen mogelijke misstanden te beschermen. Een nieuw kabinet zal uiteindelijk een definitief standpunt moeten innemen.

Dit betekent concreet dat er geen nieuwe aanvragen tot het starten van een adoptieprocedure meer in behandeling worden genomen. Degenen die al een beginseltoestemming hebben kunnen, na uitvoering van een extra toets, hun procedure afronden. Er worden voorlopig geen nieuwe toestemmingen meer afgegeven. Reeds geplande informatiebijeenkomsten en voorlichtingsbijeenkomsten voor aspirant-adoptieouders worden geannuleerd. 

Ruimte om verhaal te delen 

Fiom begeleidt geadopteerden in het zoeken naar hun biologische ouder(s) en biedt nazorg aan volwassen geadopteerden, afstandsouders en adoptieouders. Ook verzorgen wij de voorlichting aan aspirant-adoptieouders.

De uitkomsten van dit rapport zullen zijn weerslag hebben op alle persoonlijk betrokkenen: geadopteerden, (aspirant-)adoptieouders en afstandsouders. We vinden het belangrijk dat de aandacht nu eerst naar hen uitgaat en dat zij ruimte krijgen om te reageren en hun verhaal te doen. 

Erkenning voor hun emoties is belangrijk en we hopen met onze expertise een bijdrage kunnen leveren aan wat zij aangeven nodig te hebben. 

Wij onderschrijven de aanbevelingen van commissie Joustra.

We vinden de nadruk in het rapport op de erkenning voor geadopteerden belangrijk en vinden de erkenning van de minister namens het kabinet, voor de misstanden in het verleden en de eigen rol daarbij, terecht. Met het aanbieden van excuses erkent minister Dekker de problemen waar geadopteerden tegenaan lopen. Die uiteindelijke erkenning is overigens vooral te danken aan de vasthoudendheid van geadopteerden zelf, samen met de belangenverenigingen.

Het is nu zaak dat de minister maatregelen treft om geadopteerden meer te ondersteunen in de zoektocht naar hun afkomst en hun rechtspositie gaat verbeteren.

De minister noemde in dit verband de opzet van een onafhankelijk expertisecentrum met taken in nazorg, dossierinzage en juridische ondersteuning. We hopen dat dit geadopteerden ondersteuning, nieuwe kansen en aangrijpingspunten biedt bij hun vragen en zoektocht. 

De aankondiging dat de Staat zich bij vorderingen in adoptiezaken niet meer zal beroepen op verjaring, juichen we toe. De rechter kan hierdoor voortaan ook inhoudelijk oordelen over adopties uit het verleden. Dit in lijn met de aangenomen motie Van Nispen/Van der Staaij, die de regering verzocht om de verjaringstermijn in adoptiezaken af te schaffen of te verlengen. Fiom steunde deze motie.

Wij staan voor je klaar

We begrijpen dat dit nieuws veel vragen en gevoelens kan oproepen bij geadopteerden, adoptieouders, aspirant-adoptieouders en andere betrokkenen.

Wil je hierover praten? Wij staan voor je klaar. Je kunt ons bereiken op 088 126 49 99, helpdeskadoptie@fiom.nl en via het contactformulier

Je kunt ook contact opnemen met Adoptievoorzieningen, onderdeel van Fiom, op 030 - 233 03 40. 

Bekijk de actuele informatie en veelgestelde vragen