Hoeveel nakomelingen mag een (Deense) spermadonor hebben?

Aantal donorkinderen per donor
24/12/2018 -

Dankzij de Wet Donorgegevens Kunstmatige Bevruchting (WDKB) is anoniem donorschap in Nederland sinds 1 juni 2004 niet meer mogelijk. Op dit moment vindt de evaluatie van de wet plaats die zich richt op de praktische uitvoering en op de knelpunten die ervaren worden. De resultaten worden in de eerste helft van 2019 verwacht. De voorbereiding van een wetsvoorstel is al gestart in het kader van het Actieplan ondersteuning donorkinderen (2017) van oud-minister Edith Schippers. De wet wordt onder andere aangepast om landelijk toezicht te kunnen houden op het maximaal aantal kinderen van een donor. Fiom krijgt geregeld de vraag wat wij van de wet en van het aantal nakomelingen per donor vinden. Graag lichten we onze ideeën hierover toe. 

Maximum aantal nakomelingen

Klinieken en ziekenhuizen hanteerden tot voor kort een maximum van 25 verwekte kinderen per donor. Het aantal van maximaal 25 donorkinderen is gebaseerd op de CBO-richtlijn uit 1992. Uit berekeningen bleek toen dat er geen verhoogde kans is op relaties tussen bloedverwanten bij 25 of minder kinderen per donor. De Gezondheidsraad heeft deze CBO-richtlijn in 2013 geëvalueerd. Zij stelde toen voor om het maximum van 25 donorkinderen te handhaven, totdat er meer gegevens zijn over de psychosociale gevolgen van niet-anonieme donatie.  

Tellen in gezinnen

Eerder dit jaar (april 2018) verscheen het Standpunt Spermadonatie van de beroepsvereniging van gynaecologen. Daarin wordt gesteld dat het tellen van nakomelingen in termen van individuele kinderen beter vervangen kan worden door gezinnen te tellen. Het voorstel is om een donor in te zetten voor maximaal 12 gezinnen (of minder, indien de donor dat wenst) en de grens van 25 individuele kinderen los te laten.  

De praktijk 

Fiom begeleidt al jaren donorkinderen en donoren die met elkaar in contact willen komen. De matches ontstaan via de Fiom KID-DNA Databank en bij de Stichting Donorgegevens. 
We vinden het een goede zaak dat er afspraken gemaakt worden over het maximum aantal gezinnen per donor, zodat binnen een gezin meerdere kinderen dezelfde donor kunnen krijgen. 
Wel zien we dat het voor zowel donoren als donorkinderen ingewikkeld is om goed vorm te geven aan het contact tussen alle betrokkenen, als dit aantal groot is. Op basis van onze ervaringen in de praktijk vinden we dat het maximaal aantal nakomelingen per donor verlaagd dient te worden tot zo’n 15. We zouden graag zien dat het aantal gezinnen dat gebruik maakt van zaad van eenzelfde donor, vastgesteld wordt op maximaal 7.

Vergelijking buitenland

In vergelijking met de landen om ons heen hanteert Nederland met 25 kinderen nu een hoog maximum. In Duitsland is de grens vijftien kinderen per donor, in Frankrijk tien, in Zwitserland acht, in Spanje zes en in Denemarken twaalf (dit was eerder nog vijfentwintig). Er zijn drie landen die het aantal gezinnen, waaraan een donor mag donoren, hebben begrensd: Engeland (tien), België (zes), en Oostenrijk (drie).  (Bron: Gezondheidsraad, 2013). 

Risico’s Deens zaad

Momenteel maken verschillende Nederlandse klinieken gebruik van Deens donorzaad. Naast Nederland exporteert de Deense Cryos-bank zaad naar nog ruim 80 landen. Zelfs als we in Nederland goede afspraken maken, voorkomt dit niet dat het aantal nakomelingen van een Deense donor wereldwijd hoger uitvalt dan 25. Of dat meer dan 12 gezinnen zaad ontvangen van eenzelfde donor. Daarbij zijn er nog steeds vragen over de betrouwbaarheid van de gegevens van de Deense donoren. Wie houdt hier toezicht op? Schippers gaf eerder aan dat de Deense overheid dit doet. Het Deense denkkader is echter vergelijkbaar met dat in Nederland van vóór 2004, zo wordt er nog gewerkt met (A)anonieme- en (B)bekende donoren.  

Nog niet bekend is hoe de Stichting Donorgegevens te zijner tijd de verzoeken van donorkinderen naar de persoonsgegevens van Deense donoren praktisch gaat begeleiden. Kan er tegen die tijd wel contact gelegd worden met de donor? In Denemarken ontbreekt een juridisch kader zoals onze wet Donorgegevens. In Nederland kan een kind met 16 jaar de donorgegevens opvragen, in Denemarken pas met 18 jaar. Ondanks de goede intenties waarmee de klinieken afspraken hebben gemaakt met Cryos, is het de vraag hoe dit later in de praktijk gaat uitpakken.

Onafhankelijk onderzoek nodig

De inspectie verzocht de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) en de Vereniging voor Klinische Embryologie (KLEM) in 2016 om onderzoek te (laten) doen naar de risico’s en omstandigheden bij het gebruik van donoren van buitenlandse semenbanken. Dit is gebeurd en klinieken hebben afzonderlijke afspraken gemaakt met Cryos. Het onderzoek naar de betrouwbaarheid van Deense c.q. buitenlandse spermabanken (o.a. registratiesysteem, dossiervorming, toezicht) dient ons inziens echter onafhankelijk te worden uitgevoerd. Naar onze mening is er alsnog onafhankelijk onderzoek of verscherpt toezicht nodig naar de betrouwbaarheid van het gebruik van zaad, afkomstig van buitenlandse spermabanken.  

Meer informatie