Aanbevelingen op Wet Afbreking Zwangerschap

Logo Ministerie Volksgezondheid Welzijn en Sport
08/07/2020 -

De Wet Afbreking Zwangerschap is in 2019/2020 voor de tweede keer sinds de invoering van de wet in 1984 geëvalueerd. Eind juni werd het evaluatierapport aangeboden aan de Tweede Kamer. Voor de evaluatie is informatie opgehaald bij professionals en ervaringsdeskundigen die in hun werk direct of indirect te maken hebben met de abortuswet. Denk daarbij aan abortusartsen, gynaecologen, verpleegkundigen, huisartsen, keuzehulpverleners en Fiom. De algemene conclusie is dat de wet goed functioneert en dat er sprake is van stabiele abortushulpverlening in Nederland.

In het onderzoek wordt ook op een aantal onderdelen verbeteringen voorgesteld.

Verschillende aanbevelingen

Deze aanbevelingen gaan onder andere over:

  • Het geven van duidelijkheid over het begrip zwangerschap: wanneer start volgens de wet een zwangerschap exact?
  • Het splitsen van de abortusgrens en de levensvatbaarheid van een foetus op basis van medisch-technische ontwikkelingen: op dit moment staat in de wet dat abortus is toegestaan totdat de foetus levensvatbaar is. Volgens het strafrecht ligt die grens bij 24 weken. Het voorstel is om de grens van 24 weken ook vast te leggen in de abortuswet. 
  • Loslaten van de beraadtermijn: uit de evaluatie komt niet naar voren dat een vaste beraadtermijn nodig is voor zorgvuldige besluitvorming. Die vaste beraadtermijn kan wel knelpunten opleveren. Denk daarbij aan het overschrijden van de 24 weken grens of het niet meer kunnen kiezen voor de abortuspil omdat de vrouw vijf dagen moeten wachten voor ze kan worden behandeld. Het advies is daarom te kijken of de voordelen nog opwegen tegen de nadelen, en zo niet, deze beraadtermijn te laten vervallen.
    In de praktijk zien we dat vrouwen vaak meer tijd nemen voor hun besluit dan de wettelijke beraadtermijn. Weloverwogen besluitvorming is belangrijk, maar vraagt niet per definitie vijf dagen bedenktijd en andersom garandeert vijf dagen de tijd nemen geen weloverwogen besluit. 
  • Uitbreiden van wie er mag verwijzen: op dit moment kunnen alleen artsen een vrouw verwijzen naar een abortuskliniek of ziekenhuis. Het advies is dit uit te breiden naar andere specialisten, met name verloskundigen, als formele verwijzer zodat de beraadtermijn al bij het gesprek met de verwijzer ingaat.
    Een vrouw kan ook zonder verwijzing naar een abortuskliniek of ziekenhuis, maar dan zal de beraadtermijn pas ingaan op het moment dat zij daar een arts spreekt.
  • Controleren op neutrale keuzehulp: het controleren van neutraliteit van ondersteuning bij de besluitvorming. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft hier in de afgelopen twee jaar al diverse stappen voor ondernomen door onder andere kwaliteitscriteria voor aanbieders van keuzehulp op te stellen. Het aanbieden van neutrale keuzehulp is hierbij één van de criteria. In de trainingen van Fiom op het gebied van keuzehulp speelt deze neutrale houding ook een essentiële rol.

De aanbevelingen die in het rapport worden gedaan zijn gericht aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het is aan hem hiermee aan de slag te gaan. In een brief aan de Tweede Kamer laat hij weten zijn reactie op de conclusies en aanbevelingen in de tweede helft van 2020 te zullen delen. 

Het volledige evaluatierapport Wet Afbreking Zwangerschap is te vinden op de website van de Rijksoverheid.