Een omgekeerde wereld

Ik herinner het mij nog precies: in de ochtend van 9 mei 2017 stonden S. (met wie ik na bijna 3 jaar nog steeds samen ben) en ik in de badkamer. Ik pakte de zwangerschapstest uit en urineerde in een potje. “het zal vast niet zo zijn.” hoor ik mijzelf nog zeggen. Nadat S. de zwangerschapstest een tijdje in het potje hield, verscheen er een verbazing op zijn gezicht. Hij keek me aan en liet de test aan mij zien, waar een duidelijk plusje op stond. We waren in het begin erg geschrokken, maar na een paar minuten begonnen wij ons te realiseren dat er een wondertje, dat wij samen hebben gemaakt, in mijn buik groeit. 16 jaar en zwanger, wat voelde dat vreemd. 

Na een week met zijn tweeën goed nadenken, bespreken, spaarplannen maken, woningen zoeken en afspraken maken met de huisarts/verloskundige hadden wij besloten dat wij ons kindje gaan laten komen en met heel veel liefde zullen verwelkomen. Natuurlijk wisten we dat het moeilijk ging worden en dat onze toekomst er anders uit zou zien, maar dat hadden we er voor over. Om dit eerst allemaal te laten bezinken en uit te zoeken, zouden we even wachten met dit aan onze ouders te vertellen. Ik was overigens pas 6 weken zwanger.  

Zo hadden mijn vriend en ik een heel ander leven als we met zijn tweeën waren. Elke avond fluisterde hij lieve dingetjes tegen ons kindje dat nog in mijn buik zat. Op 22 mei 2017, 11 uur in de ochtend, gingen we naar onze eerste echo afspraak. We mochten de snelle hartslag van ons kindje horen, wat een van de mooiste momenten in mijn leven was. We wouden ons wondertje het beste bieden en we geloofden dat het mogelijk was als we veel ons best zouden doen. 

Na week 8 van mijn zwangerschap werd het erg moeilijk om  het te verbergen. Elke dag was ik misselijk. Ik heb in mijn hele leven nog nooit zo veel overgegeven. Dit kwam niet alleen door het Humaan Choriongonadotrofine hormoon, ik zag er ook echt tegen op om het aan mijn ouders te vertellen. Natuurlijk kon ik wel al bedenken dat het ze niet aanstaat, maar door al een grote spaarrekening te hebben en alles te sparen wat ik verdien bedacht ik mij dat we niet financieel afhankelijk hoeven te zijn van onze ouders. We besloten om de ouders van S. eerst op de hoogte te brengen, omdat die er beter mee om zouden gaan. Dat was ook zo, natuurlijk waren ze erg geschrokken maar de reactie viel mee. Ook gaven ze nog geen oordeel over wat zij denken dat we moeten doen.

29 mei 2017 was de dag dat we het mijn ouders gingen vertellen. We hadden bedacht om het op school te vertellen, in een gesprek samen met onze mentoren (die al op de hoogte waren). We zaten rond de tafel en ik vertelde mijn verhaal. Ik vertelde dat we per ongeluk zwanger zijn geworden maar dat we er lang over na hebben gedacht en besloten hebben dat we ons kindje houden. Ook vertelde ik over onze spaarplannen, afspraken bij verloskundigen, afspraken bij maatschappelijk werkers, etc. Mijn ouders reageerden eerst geschrokken, daarna teleurgesteld. Toen besefte ik me dat dit nog een moeilijke periode ging worden. 
We hebben met zijn alle besloten dat we dit verder nog tegen niemand zouden vertellen, omdat dat het beste voor mij en S zou zijn. De volgende dag kwam mijn tante bij ons thuis. Ze liep naar me toe en zei: “Ach meisje toch, dat is niet slim he”. Ik was boos, heel erg boos. Mijn moeder had het verteld aan een aantal vriendinnen/familieleden terwijl we afgesproken hadden dat niet te doen. De dagen daarna werden steeds erger. De hele dag moest ik aanhoren hoe mijn ouders het niet zouden aankunnen als ik ‘het’ laat komen. Ik zou niet thuis meer mogen wonen als ik ‘het’ houd. En natuurlijk, als er geen ruimte of geld was zou ik me nog kunnen voorstellen dat ze mij het huis uit zouden zetten. Maar dat was het probleem niet: we leefden namelijk met zijn drieën in een huis waar gemakkelijk 6 mensen zouden kunnen wonen. Natuurlijk kon ik niet verwachten van mijn ouders dat ze mij onderdak zouden bieden of dat ze me financieel gingen steunen, maar het kwam toch hard aan.

Op deze manier probeerden mijn ouders mij te manipuleren om een abortus te plegen. Er werd gezegd dat wij een kind niks te bieden hadden, en dat we niet het beste voor ons kindje deden als we hem of haar laten komen. Ook vertelde mijn moeder mij dat ik het leven van haar, haar vriend, mijn vader, zijn vriendin en mijn schoonouders verpestte. Uiteindelijk gaven ze ons een week om te beslissen wat we deden, terwijl wij al hadden gezegd dat we ons kindje zouden houden. Daarbij werd vermeld dat als we zouden zeggen dat we geen abortus plegen, dat we dan nog lang niet uitgepraat zouden zijn. Door alles wat er werd gezegd tegen ons raakten wij overstuur. Tot mijn grootste spijt had ik opgegeven om te vechten, en liet ik mijn ouders mij forceren om een abortus te plegen.  

Die dag, 22 juni 2017, is de donkerste dag van mijn leven. Mijn vriend en ik kwamen binnen in de kliniek. Ook ging een van mijn ouders mee, om zichzelf ervan te verzekeren dat ik wel echt daarheen ging. Mijn vriend en ik hadden een gesprek met een medewerker van de kliniek. Meerdere keren in dat gesprek heb ik aangegeven dat ik dit eigenlijk niet wou doen, maar dat ik geen keus had. Dit uit wanhoop dat iemand me tegen zou houden. Helaas werd dit door niemand gedaan: door die medewerker niet, door school niet, door de huisarts niet, door de maatschappelijk werker niet, door mijn ouders niet, door mijn tante niet, door mijn vriend niet, en door mijzelf  niet. De medewerker van de abortuskliniek drong mij aan om 2 pillen te nemen voordat ik naar de operatiekamer ging. Als ik dit zou doen, zou ik niet meer terug kunnen. “Neem die pillen nou maar, dan ben je er van af” , zei ze. Maar ik wou er niet van af zijn, ik wou ons kindje niet vermoorden. 

Eenmaal op de operatiekamer werd ik bloot in de steensnedeligging neergelegd. Ik moest een tijd wachten en werd niet bedekt. Daar lag ik dan, om iets te ondergaan waar ik zelf helemaal niet achter stond. Via het infuus werd de Propofol ingespoten. Ik probeerde wakker te blijven en weg te rennen, maar het kon niet. Langzaam verloor ik de controle over mijn lichaam. Er was niks meer wat ik kon doen om mijn kindje te redden. 

Na de ingreep werd ik huilend wakker. De medewerker zei dat ik me niet moest aanstellen omdat ik er zelf voor gekozen had. Als ze beter had opgelet tijdens het gesprek wist ze misschien dat ik hier helemaal niet zelf voor had gekozen. 

Lief wondertje, 
Het is nu 2 jaar geleden, en elke dag ben ik nog verdrietig om jou. Elke dag mis ik jou. Elke dag heb ik hier nog spijt van. Elke dag verwijt ik mezelf ervan dat ik dit heb laten gebeuren. Niets helpt. Online hulp niet, de psycholoog niet, EMDR niet. Ik wou dat ik een tijdmachine had. Er zal altijd een leegte in mij blijven die alleen jij kan verhelpen. Het spijt me zo.