Het verlangen naar familie

21-04-2016 - Ik ben nu een vrouw van bijna 39 jaar en heb een gezin met drie kinderen. Mijn jeugd is vol zorgen geweest. Allereerst mijn opvoedvader die 18 jaar lang een nier patiënt was. Hij is op 41-jarige leefdtijd overleden, toen ik negen jaar was. Mijn moeder probeerde haar zorgen weg te drinken met alcohol. Op mijn twaalfde hoorde ik van mijn moeder dat mijn vader niet mijn biologische vader was en ik afstamde van een anonieme vader. Ze was in de kliniek in Barendrecht geweest en vertelde mij dat ik waarschijnlijk van een student was en dat na zeven jaar het dossier vernietigd was.

De puberteit ging voor mij met veel vragen en zorgen voorbij. Ik was ook nog eens enigst kind. Mijn moeder werd uiteindelijk opgenomen in een afkickkliniek en ik moest een half jaar bij familie van mijn moeder wonen omdat ik 16 jaar was. Ze wilden mij in een pleeggezin hebben, maar de band tussen mijn moeder en mij was sterker. Uiteindelijk was ze clean en een jaar later werd er een tumor gevonden. Ik heb haar een half jaar intensief verzorgt tot haar laatste ademhaling. Ik was toen 19 jaar.

De familie van mijn moeders kant heeft mij verboden om nog enig contact met hen op te nemen. Een paar jaar later ontmoette ik mijn man, trouwde en kreeg kinderen. Het was soms best slikken op zulke momenten, zonder eigen ouders of familie. Ik heb daar veel moeite mee gehad. Omdat mij was verteld dat het dossier na zeven jaar vernietigd zou worden had ik de hoop al opgegeven, tot de uitzending van spoorloos op 11 januari.

Een donorkind had naar zijn donorvader gezocht en hij had hem gevonden. Dat niet alleen. Hij had ook nog 200 halfbroers en -zussen. Mijn zoon zei gelijk dat ik ook moest gaan zoeken. Dat heb ik gedaan. Ik heb DNA afgestaan en opgestuurd. Ik probeer realistisch te zijn, maar toch fantaseer ik soms dat als mijn donor of een halfbroer of -zus wordt gevonden, ik met open armen word begroet. Dat komt doordat ik verlang naar familie.

Helaas was er geen match, dus de vragen blijven. Veel mensen zeggen tegen mij dat ik het verleden moet laten rusten en mij moet focussen op mijn eigen gezin, maar het verleden is een deel van mij. De puzzel zal nooit afkomen. Dat ene deeltje van mijn indentiteit is nog steeds zoek. Daar zal ik mee moeten leren leven.