Je moest doen of er niks gebeurd was, alsof je kind niet bestond

Ik werd eind 1967 zwanger. Toen ik begin februari doorkreeg dat ik zwanger was ben ik bij de NVSH en het Fiom langs geweest met mijn hulpvraag. Ik was net 19. Nergens werd ik opgevangen. De vraag was : weten je ouders het? Ja nou dan kunnen we niks voor je doen. Binnen 5 minuten stond ik weer buiten.

Mijn vader was nogal laconiek dus ik dacht, dit komt wel goed. Maar helaas, hij overleed toen ik 3 maanden zwanger was. Vanaf dat moment begon de hel. Telkens weer werd ik door mijn aangestelde voogd (broer van mijn vader) en door mijn zwager (man van mijn oudste zus) gemaand mijn kind af te staan. Ik kon dit mijn moeder niet aandoen zo werd er steevast op me ingehamerd.

De weken gingen voorbij. Toen had men bedacht dat het kind wel naar de jongere broer van mijn vader en zijn vrouw kon. Ik zou daar dan tot na de bevalling blijven. Maar deze oom kon zijn handen niet thuis houden dus ik was zo weer thuis. Gesprekken met kinderbescherming gingen niet verder dan: hoe wil jij nu voor een kind zorgen, je hebt geen man, geen geld, je moeder is net weduwe enz enz. Uiteindelijk is mijn dochter in augustus geboren en afgestaan. 3 maanden bedenktijd werd mij wijs gemaakt, als ik spijt kreeg mocht ik alsnog mijn kind terug. Nou nee dus, iedereen werkte ‘in het belang van het kind’ en haar belang was blijkbaar niet bij haar moeder zijn.

Dit alles is 51 jaar geleden. Ik heb de eerste 5 jaar na haar geboorte gepoogd haar terug te krijgen. Zelfs achter een adres gekomen en haar willen ontvoeren. Maar toen begreep ik wel dat dat niet meer kon. Ze was toen al 3 jaar bij haar adoptief ouders. Ik heb toen wel contact gekregen met de adoptiefmoeder en later gelukkig ook met mijn dochter. Dus in die zin ben ik een geluksvogel. Fijne dochter. Maar wat ik zo herken in de andere verhalen van afstandsmoeders is het feit dat je moest doen of er niks gebeurd was, alsof je kind niet bestond. Dit zorgde ervoor dat je een deel van jezelf moest ontkennen. En de pijn, de pijn, nu ben ik 70 en nog kan ik kwaad en verdrietig worden.

Meer verhalen van afstandsmoeders