Adoptieouders

20-07-2009 - Tijdens de wekelijkse boodschappen kom ik mijn vriendin ‘afstandsmoeder’ tegen. Onze gesprekken gaan over van alles en nog wat en moeiteloos schakelt ons gesprek over op adoptie. Zij begrijpt als geen ander de zaken waar ik soms mee worstel en dit is wederzijds. Vandaag ging ons gesprek over adoptieouders. Aan het eind van het gesprek zei zij: ‘ach, tussen afstandsmoeders en adoptiedouders zal nooit een warme band ontstaan, dit komt nooit goed tussen ons’. Hiermee instemmend ga ik op weg.

Het gesprek laat mij niet los. Want, heb ik niet een handvol vriendinnen die adoptiemoeder zijn? Het zijn leuke vriendinnen die vanzelf langgeleden op mijn pad kwamen. Hun adoptiekinderen zijn inmiddels volwassen. Ze hebben nooit naar hun bio-moeder gezocht. Hebben niet de minste behoefte, heb ik het idee. Zij en hun ouders stralen veel geluk uit.

Mijn gedachten gaan terug naar een thema-avond van de Fiom. Achter de microfoon staat een beer van een man. De tranen rollen nog net niet over zijn wangen, maar het zit er heel dichtbij. De vraag die hij aan ons afstandmoeders stelde, ben ik vergeten. Maar het beeld van die grote sterke man die daar zo kwetsbaar staat te wezen voor die microfoon, is mij altijd bijgebleven. Later aan de bar vroeg ik hem ‘waarom werd je zo emotioneel’? Hij vertelde mij over een gesprek tussen zijn vrouw en hun adoptiekind. Hij zei: ‘toen ik jullie daar achter de tafel zag zitten, gingen mijn gedachten terug naar dit gesprek. Ik voelde jullie verdriet en haar pijn’.

Zijn dochter-  zittend in het bad - zat heel hard te huilen. Zijn vrouw vroeg waarom ze verdriet had en zijn dochter zei dat ze huilde om haar mamma. ‘Je hoeft om mij toch niet te huilen?’, antwoordde zijn vrouw verbaasd. ‘Ik ben hier en er is niets met mij aan de hand! ‘Nee’, zei zijn dochter, ‘ik huil niet om jou, maar om mijn andere moeder’.
Hij had op dat moment medelijden met zowel zijn vrouw als zijn dochter.

Kan je alleen maar moeder worden als je een kind negen maanden bij je hebt gedragen? Word je alleen maar moeder als je weet wat voor helse pijn een bevalling inhoud? Sommigen vinden van wel. Maar hoe zit dit dan met vaders? Zij dragen geen kind in hun buik. Ze blijven wel manmoedig naast hun bevallende vrouw zitten, maar zaten liever ergens anders. Toch worden ze opslag vader. Met die grote onbeholpen handen houden ze het kind dat zij zelf niet gebaard hebben vast en de vonk slaat over. Soms niet ineens, soms heeft die vonk iets meer tijd nodig, maar het komt.

De adoptiemoeder had graag een helse bevalling doorgemaakt. Haar man had niets liever dan aan haar zijde gezeten; ergens anders zijn, was niet in zijn hoofd opgekomen. Maar het was hun niet gegund. Zij krijgen een kind van een andere mamma, maar hun liefde voor dit kind is groot. Het heeft soms even tijd nodig voor de vonk overslaat, maar als de vonk er eenmaal is, dan is het goed.

Gaat er nooit een warme band ontstaan tussen adoptieouders en de afstandsmoeder? Tussen mij en mijn vriendinnen met hun mannen in ieder geval wel.

Renée de Bode-Grollée